Netbeheerder TenneT wil Tholen en Schouwen-Duiveland aansluiten op het hoogspanningsnet. De aanleg van deze kabelverbinding is al een huzarenstuk. Een boring van 3 kilometer onder het Mastgat, de grootste onderwaterboring ooit in Nederland, tilt het naar een ander niveau. Voordat die groen licht krijgt, is grondig bodemonderzoek nodig. "En dat alleen al is een project op zich," vertellen Wouter Groenen (Heijmans) en Arjan Visser (Antea Group).

Een witte vlek op de kaart

Pak de kaart van het Nederlandse hoogspanningsnet erbij en in Zeeland valt meteen een witte vlek op. Tholen en Schouwen-Duiveland draaien nog altijd op het middenspanningsnet. Met ‘Netversterking Schouwen-Duiveland en Tholen’ sluit TenneT beide eilanden aan op het hoogspanningsnet, via twee nieuwe hoogspanningsstations in Halsteren en Zierikzee. Aannemer Heijmans verzorgt de aanleg van de 150 kV-kabel daartussen.

Boring onder drie kilometer zeearm door

Een nieuw kabeltracé aanleggen is al een uitdaging. Helemaal met twee specials in het traject: het Schelde-Rijnkanaal en het Mastgat. Vooral die laatste valt op, vertelt Wouter Groenen, omgevingsmanager: "Hier wordt de kabel via een gestuurde boring onder de zeearm door aangelegd: één van de grootste gestuurde boringen in Nederland. Voordat die boring vergund, ontworpen en uitgevoerd kan worden, moet onder meer eerst vaststaan of de bodem het aankan."

Super kwetsbaar gebied

Het protocol van TenneT daarvoor is helder: om de 250 meter een verticale sondering en een mechanische boring, tot 65 meter onder NAP. Zo brengen ingenieurs normaal de bodem in kaart. Maar "normaal" is hier niet vanzelfsprekend. Aan de noordkant liggen schorren en slikken. "Heel kwetsbare delen binnen het Natura 2000-gebied Oosterschelde, op het hoogste Europese niveau beschermd," zegt Arjan Visser. "Een sondeervoertuig of onderzoeksschip zou de bodem onherstelbaar beschadigen."

Hoe kán het wel

Al snel werd duidelijk dat sonderingen en mechanische boringen hier niet mogelijk waren. De vraag werd dus: hoe dan wél? Visser: "TenneT en Heijmans kwamen op het idee voor horizontale proefboringen, op drie verschillende dieptes. Dat is niet alledaags. We moesten Rijkswaterstaat en de provincie overtuigen, met gesprekken én een stapel ecologische studies, dat het nodig was én dat het kon zonder de natuur of de bodem te beschadigen."

Check en dubbelcheck

Om zeker te weten dat de proefboringen een betrouwbaar beeld geven, wordt aan de zuidkant, waar wel toegang is, dezelfde proefboring gedaan. "Daar vergelijken we de resultaten met verticale sonderingen en mechanische boringen op diezelfde plek," zegt Visser. "Komen de uitkomsten overeen, dan weten we dat de proefboringen aan de noordkant een betrouwbaar beeld geven. Zo leggen we een zorgvuldige basis voor de vergunning en uitvoeringsrisico's."

Werken met eb en vloed

Ook de uitvoering van de onderzoeken zelf is geen eitje. "In het Mastgat stroomt het water hard, met een getijverschil van 3 meter, vier keer per dag," zegt Visser. "Een sondering vanaf de Tonny, het onderzoeksschip van Fugro, past net binnen één hoogwaterperiode. Een mechanische boring duurt meerdere dagen. Dat gaat niet op een schip dat meebeweegt met het getij. Daarom kozen we voor een hefeiland in het Mastgat: ongevoelig voor eb en vloed”, zegt Groenen.

Zelfs het voorwerk is complex

Kortom: de onderzoeken om de ‘recordboring’ vergund en uitgevoerd te krijgen zijn misschien wel net zo ingewikkeld als de boring zelf. “Zeker in dit gebied vraagt dit om heel specialistische kennis. Daarom is het fijn om een partner als Antea Group aan boord te hebben," zegt Groenen. "Ze hebben voor TenneT al jaren onderzoek gedaan in dit gebied en ze brengen kennis van allerlei grondonderzoeken, ecologie en vergunningen mee."

Je hebt elkaar hard nodig

Naast Antea Group en Heijmans zijn TenneT, Rijkswaterstaat, Provincie Zeeland, twee waterschappen, Fugro en boorbedrijf Van Vulpen nauw betrokken bij de onderzoeken. "Het zegt iets over de opgave van de energietransitie in ons land," zegt Groenen. "Je hebt elkaar hard nodig om dit mogelijk te maken." Visser herkent dit: "Dat is voor mij ook de mooie uitdaging in dit werk. Samen net zo lang zoeken tot je de oplossing hebt gevonden, dát vind ik gaaf."

De bodemonderzoeken zijn gestart in mei 2026. Als alles volgens planning loopt, wordt de definitieve boring onder het Mastgat uiterlijk in 2029 uitgevoerd.